Sinds ik in mei afgelopen jaar Marianne, terwijl ze verdiept was in een boek, overviel met een verrassingsbezoek is de door haar gebezigde begroeting -“verrek jij hier?” – min of meer een vast ritueel geworden als ik onaangekondigd bij mijn zuster binnenval. Omdat het deze zomer tot het laatste moment onzeker is wanneer ik de boot naar Terschelling neem rekent ze kennelijk nog niet op mijn komst.
Op het prikbord lees ik dat op maandagavond het Danaë ensemble in de kerk van Hoorn concerteert. Het programma vermeldt werken van Beethoven en Dvořák. Ongetwijfeld heeft Marianne daarbij de taak de muzikanten te introduceren. Een mooie gelegenheid om het concert bij te wonen.
Als ik over de drempel de kerk binnenga gebeurt wat ik verwacht. Vloeken in de kerk, al slikt ze zich realiserend waar ze zich bevindt het eerste woord deels in.
Het Danaë-ensemble werd opgericht in Keulen in 2004 door Eva-Maria Wilms, Nathalie Streichardt en Daniela Bock. De naam van het ensemble komt voort uit de voornamen van zijn oprichters. Danaë is ook een figuur uit de Griekse mythologie
Sinds 2004 speelt het ensemble in verschillende formaties, vaak als pianokwartet, pianokwintet of strijkkwartet, maar ook als strijktrio en pianotrio.
Vanavond speelt het ensemble in de samenstelling Nathalie Streichardt – viool, Daniele Bock – cello en Tereza Bodnárová – piano.
In een goed gevulde kerk wordt eerst het pianotrio in c klein, opus 1 nummer 3 van Ludwig van Beethoven gespeeld. De uitvoering wordt met een warm applaus beloond.
Ook de vertolking van het tweede werk, Dvořáks pianotrio nummer 4 in e klein opus 90, “Dumky”, valt bij het publiek in de smaak. Al blijft het bij dergelijke bij de meeste toehoorders, inclusief mijzelf, niet overbekende stukken gissen wanneer het slotakkoord klinkt. Na afloop van Beethovens compositie trek ik de conclusie dat pianotrio’s uit vier delen bestaan. Maar bij de uitvoering van het tweede stuk blijkt die gevolgtrekking voorbarig. Na het vierde deel speelt het ensemble vrolijk verder. De aanduiding ‘Dumky’ geeft mij de sleutel naar de oplossing:
Verrassend genoeg bestaat het Pianotrio in e klein niet uit de destijds gebruikelijke vier delen, maar uit zes dumky – vandaar de bijnaam. Dumky is het meervoud van dumka, het verkleinwoord van duma, een droefgeestige Slavische (van oorsprong Oekraïense) volksballade. Net als sommige andere Oost-Europese componisten maakte Dvořák van de dumka een vorm waarin langzame, melancholieke ‘vertellingen’ worden afgewisseld met snelle dansen.
Nadat het tweede applaus wegsterft spreekt Marianne een dankwoord uit en de hoop dat het Danaë-ensemble ook volgend jaar weer komt spelen. Later begrijp ik van haar dat ze vorig jaar eveneens op Terschelling een concert hebben gegeven. Dat is zo goed bevallen dat ze aansluitend hier nog vakantie vieren.

Nadat de meeste concertgangers weer vertrokken zijn krijgen we nog een toegift. Deze is bedoeld voor een familielid van één der uitvoerenden in Duitsland die vandaag jarig is.
Ter afsluiting poseren de drie artiesten voor een foto.

Ik vraag Nathalie welk stuk ze als toegift hebben gespeeld.
Het was het laatste deel van Dvořáks pianotrio. Die melodieën zaten nog niet in mijn geheugen gegrift.