Oerol 2022 – De eerste dagen

Eindelijk is het weer zover. Op 11 juni zet de aloude vertrouwde veerboot “Friesland” met Suze en mij aan boord koers naar Terschelling. Het schip is afgeladen met auto’s en fietsers, maar voor de passagiers is er voldoende plek. Dus kunnen we ook dit jaar weer vooraan in de salon zitten met uitzicht op tegemoetkomende schepen en na verloop van tijd Terschelling aan de horizon.

Het plan om met Jannie en Dick, die de voorafgaande week in Topaas hebben doorgebracht, nog even voor hun vertrek bij te praten in een horecagelegenheid bij de haven is tot mislukken gedoemd. Op West-Terschelling is voor hen vanwege de drukte geen parkeerplaats meer te vinden zodat ze maar aansluiten in de wachtrij met auto’s van terugkerende vakantiegangers. Jannie en Dick kunnen vervroegd terugreizen met de boot waarmee wij arriveren. De extra boten die in deze periode worden ingezet varen in eerste instantie ten behoeve van de duizenden festivalgangers en derhalve nagenoeg leeg richting Harlingen. De begroeting van Jannie beperkt zich zo tot een boks door het raampje van de auto en enkele warme woorden als wij kort na de eerste voertuigen de boot afrijden.

In Topaas vinden we tot onze verrassing een fles wijn die Jannie en Dick met een boodschap voor ons hebben achtergelaten. De inhoud van de fles zal voor het einde van de week ongetwijfeld zijn uitgeschonken.

Dan is het tijd om onze oerolbandjes op te halen bij één van de vier festivaloorden, de plekken waar Oerol-deelnemers elkaar kunnen ontmoeten. Wij kiezen voor “De Luwte” in Formerum en pikken daar nog een stukje mee van een discussie die gaat over de verwerking van plastic afval.

Na afloop daarvan fietsen we nog naar twee expedities. Aan het eind van de Oosterboutenweg heeft Valerie van Leersum een installatie met de titel “Daar gezien van hier” geplaatst. Deze bestaat uit een aantal verticale zuilen, één op de dijk en de anderen op het wad. De kleuren ervan zijn geïnspireerd op schilderijen van Friese kunstschilders als Gerrit Benner en Willem van Althuis.

Ik zie het project als een poging ons bewust te maken van de horizon als een schijnbare lijn die ons verbindt met de verte en tegelijkertijd terugbrengt bij onszelf. In die zin een middel ons dichterbij dit filosofische fenomeen te brengen. Of zoiets…

Nadat we de op ons netvlies geprojecteerde beelden op ons hebben laten inwerken en daarbij onze gedachten de vrije loop lieten, vervolgen wij onze tocht over het fietspad langs de voet van de dijk.

De Streken“, Marc van Vliets eerbetoon aan Joop Mulder, de bedenker van Oerol, is ons tweede doel deze middag. Vorig jaar was deze installatie ook korte tijd te zien, maar na een zomerstorm ten gevolge van een onvoldoende stevige constructie weer afgebroken. Deze getijde-installatie is nu vernieuwd op het wad bij Oosterend en gedurende een maand of drie semi-permanent te bezoeken.

Het object is bereikbaar via een 150 meter lange loopbrug, maar niet toegankelijk bij een windkracht boven 5 beaufort.

Als wij er arriveren staat er weliswaar een stevige bries uit het westen, maar is het nog wel verantwoord ernaartoe te lopen. Al vereist het wel wat evenwichtskunst om tegemoetkomende voetgangers doorgang te verlenen. Maar door dergelijk ongemak laat Suze zich niet uit het veld slaan en kan ik natuurlijk niet achterblijven. (Ruim een week geleden zag ik bij een vergelijkbare loopbrug in natuurgebied ’t Roegwold nabij Schildwolde er maar vanaf deze te betreden; daar was uitdrukkelijk eenrichtingsverkeer geboden. De keuze werd vergemakkelijkt doordat ik nog een flink eind zou moeten lopen om aan het begin van die brug te komen.)

De volgende ochtend ben ik al vroeg wakker. In de dagkrant #3 van Oerol lees ik een verhaal over drie natuurgebieden op Terschelling waar je als mens niet mag komen. Eén er van is het Waterplak, niet ver van Topaas. Er omheen lopen mag wel. Ik doe dat dan ook regelmatig.

In plaats van in bed te blijven en naar Vroege Vogels te luisteren lijkt het me dan ook aantrekkelijker de wandelschoenen aan te trekken en in de ochtendzon het Waterplak te ronden. Het is een verstandig besluit. Het eerste uur kom ik geen mens tegen, maar is de vogelwereld al volledig ontwaakt.

Bij de Midslander Longway krijg ik ruimschoots de gelegenheid een mannetje Tapuit te fotograferen. Ik heb een sterk vermoeden dat hij vlakbij in een konijnenhol zijn nest heeft.

Als ik een paar uur later weer terug ben in Topaas kijkt Suze kritisch mee naar de foto’s die ik gemaakt heb. Met een fotobewerkingsprogramma kan ze de belichting hier en daar nog wat aanpassen en via passende uitsneden de compositie wat versterken.

Een foto van een Tureluur en van een Scholekster ondergaan een vergelijkbare behandeling.

Pronkstuk van deze ochtend is een mannetje Bruine Kiekendief laag over de duinen zwevend op zoek naar een prooi.

Aan het begin van de middag stappen we weer op de fiets. We lunchen bij Kaap Hoorn, rijden via het fietspad door de duinen naar de badweg van Oosterend en dan via het fietspad ten noorden van de Hoofdweg tot de watertoren bij Hoorn. In het bos luisteren we naar Elmo Vermijs die via een audiotoer ons namens de bomen toespreekt. Want ook het bos heeft veel te vertellen.

De eerste voorstelling waarvoor wij kaarten hebben geboekt wordt op het laatste moment afgelast. Door maar liefst acht coronagevallen bij Tryater, het toneelgezelschap dat het stuk “Unter Wetter” zal uitvoeren, zijn alle geplande voorstellingen gecanceld.

Dus besluiten we ’s avonds tegen zonsondergang maar naar het strand te lopen. Als we een stukje langs de vloedlijn wandelen zien we wat verderop twee hengelaars staan. Voor de grap stel ik Suze voor er even naar toe te lopen omdat ik wel zin heb in een Zeebaars. Aangekomen bij beide heren is één druk bezig het snoer van zijn werphengel binnen te halen. Het ziet er naar uit dat hij een vis aan de haak heeft geslagen. Als de vis uit het water oprijst is hij minstens zo verbaasd als wij als het een knots van een Zeebaars blijkt te zijn…

Met zo’n vangst kan je dag als zeevisser niet meer stuk…

Ook anderszins was onze wandeling naar het strand zeer de moeite waard. Daarom nog een fotoimpressie van wat er deze avond nog meer te zien was.